Wat is makkelijker, lesgeven aan jonge beginner A of aan jonge beginner B? Of misschien aan jonge beginner C? Een vreemde vraag natuurlijk… Iedereen is verschillend en dus is lesgeven aan elke nieuwe leerling anders en uitdagend.
Ik vergelijk lesgeven graag met cadeautjes geven. Wat we onze leerlingen leren is het cadeau, hoe we het ze leren is de verpakking. Door goede cadeaus en verpakkingen te kiezen, kunnen we, zoals dat zo mooi heet, ‘aansluiten bij de zone van naaste ontwikkeling’ van een leerling*.
In de les is het altijd feest, want we mogen de inhoud, het cadeau, niet één keer aanbieden, maar heel erg vaak! Samen met ons pakt de leerling het cadeautje keer op keer uit en thuis doet hij dat opnieuw. Pas als een leerling het cadeau door en door kent, is de inhoud opgeslagen en geautomatiseerd. En dat duurt natuurlijk wel eventjes…
Hoe ziet zo’n cadeau plus verpakking eruit? Stel, we leren een jonge, beginnende leerling een nieuwe noot. Dat is de inhoud, het cadeau. Dan volgt de verpakking. We kunnen nu een grepentabel uitdelen als denkbeeldig inpakpapier en het daarbij laten. Maar dat doen we niet. Droge kennisoverdracht is vrijwel nooit de handigste verpakking. We gaan ons cadeau anders aanbieden.
Wij mensen leren sneller als we iets eerst ervaren. De tafel van negen wordt in het basisonderwijs niet in stilte aangeleerd, maar wordt gesproken, als een rap, met toonhoogte en ritme. Zodat via het luisteren en het bewegen op de cadans de informatie in het brein wordt opgeslagen. Voor de muziekles geldt natuurlijk hetzelfde. We laten onze leerlingen de nieuwe noot zingen. En spelen. En, als we daar voor kiezen, ook lezen. We kunnen het cadeau nog aantrekkelijker maken als we de zintuigen van onze leerlingen nog bewuster prikkelen. We laten de leerling heel goed luisteren: weet de leerling hoe de noot moet klinken? Is deze noot hoger of lager dan de vorige? We laten de leerling ook kijken: weet de leerling hoe zijn vingers er uitzien tijdens het spelen en kan hij ook verwoorden ze voelen? Kan de leerling bij een ander zien en horen wat er gebeurt? En hoe ziet dat er uit in de spiegel? Het cadeau en de verpakking worden steeds mooier en aantrekkelijker voor de leerling!
Een goede beginnersmethode kan ons helpen bij het aanbieden van effectieve cadeaus en verpakkingen. Het is heerlijk als een leerling de methode leuk en uitnodigend vindt, en dat de methode zijn klankvoorstelling, nieuwsgierigheid en creativiteit aanwakkert. Wij docenten vinden het bovendien belangrijk dat de inhoud, het cadeau, in een logische volgorde wordt aangeboden. En dat de methode de lesstof blijft herhalen. Maar de ideale methode bestaat niet: ook als de methode goed van opbouw is, zullen er leerlingen zijn die een andere aanpak nodig hebben, iedere leerling is immers anders. En alles wat in onze ogen en oren aan een methode ontbreekt, vangen we op met extra materiaal.
Als we onze leerlingen goed observeren en cadeaus op maat geven, kan het lesgeven heel succesvol zijn. En het verschil tussen leerling A, B of C? Het moge duidelijk zijn, bij iedere leerling wordt veel van onze inventiviteit gevraagd op het gebied van cadeaus en cadeauverpakkingen. Dat is leerzaam – want er is altijd wel weer een moment dat onze bestaande verpakkingen niet aanslaan – en bijzonder om te mogen meemaken.
En als de jaren verstrijken, veranderen onze jonge leerlingen in jonge tieners. En dan is het alsof we voor het cadeau niet meer terecht kunnen op de kinderafdeling. Terwijl het inpakpapier misschien wel kinderlijk moet blijven. De uitdaging blijft!
*https://nl.wikipedia.org/wiki/Zone_van_de_naaste_ontwikkeling
© 2004, 2023 Wieke Karsten
© 2023 Dik Klut
