Route onder constructie

Het is ongelooflijk hoe makkelijk een kind een taal leert; de hersenen van een jong kind zijn er als het ware klaar voor. Kinderen leren een taal in de praktijk; het gesproken woord van de mensen om hen heen en hun eigen verlangen om mee te praten zorgen voor een fenomenaal leerproces.

Het aanleren van muziek verloopt al even natuurlijk. Jonge kinderen leren in deze zelfde periode een heleboel liedjes. Zingen, ritmes, bewegen op muziek, toonhoogte herkennen; het gaat vanzelf, mits het kind gevoed wordt met muziek, zoals het ook gevoed wordt met taal.

Een blaasinstrument leren spelen is een ander verhaal en voor de hersenen een ingewikkelde taak. Stel je maar voor: de leerling leert op een bepaalde manier te zitten of te staan, net een beetje anders dan anders. Het instrument wordt vastgehouden op een ietwat onnatuurlijke manier; links anders dan rechts. Het kind zal zijn lippen op een bepaalde manier houden en moeten blazen, maar anders dan wanneer hij de kaarsjes op een taart uitblaast. Dan blijkt dat een bepaalde greep bij een bepaalde toon hoort. Het spel zal worden aangestuurd vanuit een klankvoorstelling en vanuit het lezen maar dat gaat allemaal niet vanzelf. 

Terwijl een leerling dit alles leert, zal hij, als hij goed z’n best doet, in de les best aardig presteren. Maar dat zegt niet zo veel. Tijdens het ‘goed z’n best doen’ leveren zijn hersenen kortstondig een topprestatie. Fijn, maar de volgende dag zal de leerling weer dezelfde stappen moeten zetten. Na een tijdje oefenen beheerst hij z’n huiswerk redelijk en dan komen wij weer met iets nieuws. Wat gebeurt er ondertussen met de vorige opdrachten? De bedrading in zijn hersenen is voor een deel klaar, maar nog niet helemaal, terwijl zijn brein ondertussen bezig gaat met de nieuwe taak. Tot de leerling deze weer aardig, maar nog niet helemaal beheerst, en wij weer een nieuwe opdracht geven, tot… enzovoort. De hersenen liggen vol met onafgemaakte neurale routes. Het betekent dat de leerling veel kan, maar dat er geen betrouwbaar netwerk ligt. Slechts een deel van wat hij geleerd heeft is volledig geautomatiseerd, waarschijnlijk zal hij bepaalde bagage weer kwijtraken.

Hoe lang duurt het eigenlijk voor een vaardigheid geautomatiseerd is? Best lang: drie maanden, mits de leerling er elke dag mee bezig is. Wees eerlijk, welke docent besteedt aandacht aan onderwerpen van drie maanden geleden? En een andere vraag: als de leerling dagelijks moet herhalen, gebeurt dit dan ook? Uit onderzoek blijkt dat een leerling, nadat hij het leslokaal heeft verlaten en naar huis is gefietst, 70% van de les is vergeten. Behalve als hij, samen met ons, het huiswerk voor de komende week grondig heeft doorgenomen. In de praktijk blijkt dat we hier veel te weinig aandacht aan besteden. We vinden dat dit te veel kostbare lestijd in beslag neemt en we realiseren ons te weinig dat de informatie die we onze leerling geven nutteloos is als er niets mee gebeurt. 

Hoe weten we of een leerling te weinig automatiseert? Allereerst door onze eigen irritatie. ‘Hoe vaak heb ik hem dat nou niet verteld’ verzuchten we. Denkfout: informatie geven is niet voldoende, het gaat erom dat de leerling de toepassing traint. Andere alarmbel: de leerling speelt aan het begin van de les matigjes, maar na onze aanwijzingen gaat het stukken beter: het signaal voor een onafgemaakt wegennet in zijn hoofd. Of: tijdens een voorspeelmiddag daalt het niveau van de leerling tot zijn minimum (geautomatiseerde) niveau. Het netwerk was niet tegen de spanning van het voorspelen bestand.

Pas als we diep in ons hart werkelijk overtuigd zijn van het belang van oefenen, zullen we onze leerlingen daar consequenter in begeleiden. 

© 2008, 2023 Wieke Karsten
© 2023 Dik Klut

Winkelwagen
Scroll naar boven

Ontdek meer van Wieke Karsten

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder