Gewoon spannend

Voorspelen is spannend. Of het nou tijdens een officieel moment is of gewoon voor opa’s en oma’s, ouders of medeleerlingen. Jonge leerlingen spelen heerlijk onbevangen, maar ergens in de pubertijd begint de narigheid: voorspelen blijkt toch wel anders te zijn dan thuis oefenen. Bij wijze van spreken liep de leerling een jaar geleden nog fluitend het podium op, opeens is hij zich bewust van publiek, van zichzelf en van een mogelijkheid tot ‘mislukken’. Zie ook de column In je blootje

Spanning op het podium. De Engelse taal heeft er een mooi term voor: musical performance anxiety. Wij kennen geen goede naam die de lading dekt. Podiumangst of plankenkoorts is het in feite niet; de leerling is immers niet bang voor het podium zelf. Maar de spanning van het optreden zorgt voor ongemak en daardoor verandert de voorpret soms in tegenzin.

Wat is er aan de hand? Kort gezegd: ongeveer vanaf onze puberteit beschouwen de hersenen optreden als iets gevaarlijks. Daardoor geven ze hormonen af die maken dat ons lichaam reageert als in een noodsituatie. We noemen die reactie FFF: Freeze, Flight, Fight. Daardoor gaat onze hartslag omhoog, de ademhaling versnelt, de grote spieren spannen zich aan, onze handen worden koud, et cetera. Allemaal voorbereidingen om hard weg te kunnen rennen of om te kunnen vechten. Daar horen stereotype emoties en gedachten bij, met als doel ons zo snel mogelijk uit die gevaarlijke situatie te halen. ‘Ga weg, dit wil je helemaal niet, kijk dan, ze beoordelen jou, wat zouden ze wel niet van je denken!’. Leuk is anders.  

Op diverse manieren wordt op dit fenomeen gereageerd. Soms wordt gebagatelliseerd: ‘Ach, mijn leerling heeft daar geen last van, als hij maar hard studeert komt het allemaal wel goed’. Of: ‘Gewoon vaak doen, dan gaat het vanzelf wel beter’.  En: ‘Gewoon studeren voor 200%, dan blijft er altijd 100% over.’ Deze adviezen vallen in de categorie: ‘vaak doen’, ‘veel studeren’ en ‘hopen dat het vanzelf overgaat’.

Interessant. Als we nagaan dat bij eindexamens op conservatoria dit fenomeen nog steeds een rol speelt en studenten verwachten dat hun niveau tot wel 60% kan dalen, dan lijken me dit niet zulke goede raadgevingen 

Leren omgaan met podiumspanning kent verschillende aspecten en kan dus ook vanuit diverse kanten aangevlogen worden. Zoals: het globaal begrijpen van de werking van de hersenen, het herkennen van het fenomeen FFF en het leren doorbreken van de fysieke spanning. Maar denk ook aan het kennen en kunnen sturen van onze aandacht, effectief kunnen studeren zonder afleidende gedachten, het ontwikkelen van ons luisteren en het kunnen voelen van ons lichaam. Het helpt ook om te weten in hoeverre ons spel geautomatiseerd is en hoe we ons spel van studeerkamer tot podium kunnen voorbereiden, inclusief een muzische en artistieke focus die kan worden meegenomen naar het podium. Op het podium kunnen we leren om onze aandacht te verdelen over ons eigen spel en medespelers en het effectiever overbrengen van ons verhaal op het publiek. Het vraagt allemaal om training, maar werpt na enige tijd fijne vruchten af. 

Soms blijkt dat een leerling werkelijk podium-angst heeft. Angst om fouten te maken, faalangst of nog erger. Dan is er meer aan de hand dan leren omgaan met de spanning van het optreden. Een luisterend oor van een goede psycholoog kan wonderen verrichten. Want als dit speelt, is er vaak meer aan de hand en dat is zeer de moeite van het aanpakken waard. 

Door podiumspanning te beschouwen als een normaal onderwerp binnen het muziekonderwijs, kunnen we bij de meeste leerlingen een onnodige angst voor optreden voorkomen. Zodat onze leerlingen het podium (blijven) zien als een ruimte waar ze graag vertoeven.

© 2009, 2023 Wieke Karsten
© 2023 Dik Klut

Winkelwagen
Scroll naar boven

Ontdek meer van Wieke Karsten

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder