Tussen onze muzische en de medische wereld gaapt een diepe kloof waar we slechts in uiterste nood overheen springen. Een grote groep artsen, fysiotherapeuten, Mensendiecktherapeuten, Cesartherapeuten, gehoorspecialisten, Alexander Techniek docenten, masseurs en andere behandelaars staat aan de overkant naar ons te roepen en te wuiven maar wij kijken liever de andere kant op.
En dus ploeteren we voort, met tintelende vingers en pijn in onze armen, polsen, ellebogen, schouders en nek, onderrug, maag en hoofd; alles in de hoop en verwachting dat het vanzelf weer over gaat. En als we in volle vervoering musiceren hebben we door een uitbarsting van endorfine (een lichaamseigen pijnstiller) nergens last van. Is dat even fijn!
Wereldwijd verbijten wij onze klachten (‘pijn hoort er bij’) liever dan dat we op zoek gaan naar een oplossing. Toegeven dat we pijn hebben, betekent immers dat we niet geschikt zijn voor ons vak of onze hobby. Cijfers spreken dit tegen: 80% van de (professionele) musici heeft klachten.
Ook ik heb als fluitist de nodige blessures meegemaakt. Gelukkig zijn deze allemaal, dankzij hulptroepen, verdwenen. Maar wat mij nog meer raakt dan mijn eigen pijn is de pijn van een leerling. We moeten helaas accepteren dat een docent de klachten van een leerling niet altijd kan voorkomen. Maar doorsturen? Ho maar… Waarom eigenlijk niet? Omdat we denken dat we de klacht zelf kunnen verhelpen? Omdat we bang zijn voor de mening van een deskundige? Hebben we geen vertrouwen in de behandelaars? Of komen we gewoon niet op het idee om de leerling hulp te laten zoeken en onderschatten we de mogelijke ernst van de situatie?
Tja. Kunnen muziekdocenten iets doen? Om deze vraag te beantwoorden heb ik de afgelopen jaren diverse (para)medici de oren van hun hoofd gevraagd. Een aantal adviezen:
Pijn moet onderwerp van gesprek zijn. Maar al te vaak doet een leerling vrolijk en ‘niets aan de hand’. Pas als we vragen of hij wel eens nekpijn heeft is het antwoord: ‘Ja, heel vaak’. Zelfs op jonge leeftijd kunnen musici hun klachten al verbloemen en weglachen.
Vervolgens is het belangrijk te weten dat er vier redenen zijn waarom onze leerlingen (en wij met hen) zo lijden:
- mentale spanning (piekeren et cetera) wat weer fysieke spanning veroorzaakt
- fysieke spanning – overbodige spierspanning
- een ineffectieve sta- / zit- / speelhouding
- onvoldoende doorbloeding
Onvoldoende doorbloeding is een belangrijke veroorzaker van onze blessures: onze speelhouding is te ‘stil’ en we bewegen te weinig, waardoor we afkoelen en onze doorbloeding vertraagt. Dit geeft stijfheid: een mogelijk begin van pijn.
Wat te doen in onze lessen? Om te beginnen: een warming-up. Met onze leerlingen zo’n 30 seconden springen en huppelen, vervolgens allerlei zwaai- en losmaakbewegingen maken en daarna soepeltjes uitrekken, alsof we een kat nadoen. Dit kost ongeveer 2 minuten lestijd. Het duurde bij mij 20 jaar voor ik dit stelselmatig in de lessen deed…
Daarnaast kijken we naar de kwaliteit van de aandacht van de leerling: is hij negatief over elke gemaakte fout of speelt hij met positieve aandacht? Zingt hij mee in zijn hoofd, voelt hij zijn lichaam en kan hij rustig les nemen zonder zichzelf steeds af te kraken? Of piekert hij over het dagelijks leven en voelt hij zich schuldig dat hij te weinig oefent?
Vervolgens vormen lichaamsbewustzijn en gebalanceerde houding de basis van het lesgeven. Ons doel is dat de leerling zijn lichaam steeds beter leert kennen en leert voelen. En door soepel vanaf de grond te bewegen en de kracht voor het zingen of spelen op een instrument (sterk spelen, hoog register) uit het contact van het lichaam met de grond of de stoel te halen, kunnen we de leerling leren zijn schouders, nek en armen te ontspannen terwijl de ruggengraat mooi gebalanceerd omhoog prijkt. Niet eenvoudig!
Blessures (waar mogelijk) voorkomen vraagt kwaliteiten van ons die we niet op het conservatorium geleerd hebben. Er zit maar 1 ding op: een loopplank over de kloof leggen en de overkant opzoeken. Laten we een netwerk creëren van behandelaars die we vertrouwen, onze leerlingen stelselmatig naar behandelaars sturen, zelf bijscholing zoeken en zorgen dat lichaam en geest een vanzelfsprekend onderdeel van de lessen vormen.
Met dank aan:
Boni Rietveld – orthopedisch chirurg MC Dansers & Musici Den Haag
Kees Hein Woldendorp – revalidatiearts Revalidatie Friesland
Marjon Kuijers – Mensendieck therapeut Den Haag
Valerie Tillie – oefentherapeut Cesar Tilburg
Nederlandse Vereniging voor Dans- en Muziekgeneeskunde (NVDMG)
www.nvdmg.org
www.muziekenzorg.nl
© 2012, 2023 Wieke Karsten
© 2023 Dik Klut
